Het jurkje

35 jaar geleden. Een blond meisje voor het altaar, handjes devoot bijeen geknepen.

Ze lacht niet, het is allemaal nog te ernstig. Stakerige meisjesknieën, platte witte lakschoentjes. Ik droom weg. Communiefeestjes.

Er is niet zoveel veranderd, er hoeft ook niet zoveel te veranderen. Op echtheid plakt geen datum. Alleen heet het soms ‘vintage’.

Zoals nu, waar mijn petekind met datzelfde kleedje rondhuppelt. Twee druppels is veel gezegd, ze heeft eerder iets van oma, mijn oma, wel te verstaan. Het blijft in de familie.

Een eenvoudig jurkje, dat de speelsheid van zo’n kind benadrukt. Waarin een kind nog een kind kan zijn. Een eenvoudig feest ook, waar gesprekken primeren en ruimte krijgen en waar je in aanrakingen ziet dat mensen elkaar al veel te lang niet meer gezien hebben en genieten van elkaar.

Momenten waarbij iedereen oprecht begaan is met elkaar maar vooral ook met het kind, dat op één of andere manier – al was het maar in het eigen hoofd – een stap zet in die wereld van de grote mensen.  Telkens een klein beetje verder weg van de onschuldige dromen.

Dromen die ik bij momenten bijna tastbaar herbeleef, als ik de foto’s uit de doos bij mijn oma herbekijk. Ik zie er mijn broer, mijn oma, mijn ouders, mezelf.

Een dromerig meisje tussen en samen met mensen waar ik van hou. Of gehouden heb.

En nu zie ik haar kijken. Naar de foto waarop ze een ander meisje ziet, met hetzelfde kleedje. Erg bevreemdend eigenlijk. Ik kijk naar haar, zij kijkt naar mij, op de foto, weliswaar. Mooi en verwarrend.

Warmte uit de anekdotiek van oude foto’s,  nu vastgelegd in digitale beelden.

Er is in die 35 jaar veel veranderd maar toch niet zo heel veel. Zij maakt graag foto’s. Op de achtergrond voetballen de nonkels, in hemdsmouwen. 

share

connect

Comments